Quick 120 jaarQuick 1 juichen 1Quick 1 juichen 4Foto juichen Cricket 1TrainenQuick 1 juichen 2Foto juichen 4Cricketf-jeugdQuick 1 juichen 3Foto selectie 2013/2014

H.V. & C.V. Quick, De Savornin Lohmanlaan 215 Den Haag, Telefoon: 070-3680323

Twitter icon
Facebook icon
Instagram icon
LinkedIn icon
RSS icon
YouTube icon

Maison Terrasse sur le toit

Gepubliceerd op 13 mei 2018 door Joost van Schelven

Wederom een weekend Ardennen, dit jaar in de buurt van het pittoreske plaatsje Dinant. Met Durbuy nog in m’n achterhoofd kon ik mijn zin in dit weekend niet echt bedwingen, waardoor ik me vrijdagochtend laat verleiden tot middelmatige grapjes in appgroepen. Omstreeks lunchtijd koersen we met eensgezind gemoed af op een bestemming die heet: Maison Terrasse sur le toit (Huize dakterras).

Vrijdag

Mijn chauffeur heet Rens Berrevoets. Rens staat als automobilist stevig in zijn schoenen en heeft niet snel de neiging dit te willen bewijzen. Hij kan zijn eigen zwakheden achter het stuur met bescheidenheid accepteren zonder dat hij zich bij het minste of geringste aangevallen voelt. Als je dit afzet tegen zijn drankgebruik kun je concluderen dat autorijden voor hem uitzonderlijk droog werk is. De dorst, als gevolg hiervan, heeft hij het hele weekend geprobeerd te lessen.

Bij aankomst worden we begroet door de conciërge van Maison Terrasse sur le toit. Iedereen noemde hem simpelweg ‘de Conciërge’. Zijn echte naam ben ik nooit te weten gekomen, en ergens is dat ook wel prettig. De Conciërge laat Boender het huis zien en werpt een zorgelijk blik op Friedus, die allerlei rare typetjes imiteert (Dolle Dries e.a.). Ties communiceert ondertussen met driftige ezels die in een aangrenzend weiland staan. Naar wat ik begrepen heb van Ties, spraken de ezels hun interesse uit in Joppe.

De borrel gaat moeiteloos over in een bbq, met aansluitend een vuurtje op de daarvoor bestemde plek. Iedereen ligt om 1:00 uur keurig te slapen, sommigen in bed, anderen buiten op het grasveld, onder de sterren. In de woonkamer lees ik op de muur: De beste onzin breng je op smaak met een snufje waarheid.

Zaterdag

Het is dag noch nacht en Tuut ligt in de tuin van Maison Terrasse sur le toit. Als hij probeert op te staan lijkt de grond onder zijn voeten te deinen als het dek van een schip op zee. Zijn maag komt in opstand. Wat is er gebeurd vannacht? Was hij weer ‘Knoopie’ - zijn arglistige alter ego? Het overhemd, waarin hij heeft geslapen, staat op een kiertje, hetgeen zijn vermoedens bevestigt. De nacht is eens te meer niet zachtzinnig met Bas Tuyt omgesprongen.

De eerste zonnestralen vallen over de boomtoppen en geven de royale tuin van Maison Terrasse sur le toit een gouden gloed. Troebele herinneringen maken plaats voor verwondering als Tuut de zon ziet opkomen. Het is een zonsopkomst zo volmaakt dat hij besluit Beijer, Wouter, Friedus, Buntje, Ramsie, Rens, Joppe en Snowie te wekken, om dit wonder met hen te delen.

Vooral Snowie is gegrepen door de fraaiheid ervan - hij heeft deze ochtend een rustige aura om zich heen, een manier van lopen en praten die hier niet op zijn plaats is. Hij slenterde, als een man op een strand, zonder enige zorgen, alsof een onzichtbaar schild hem zou beschermen tegen de bedwelmende invloeden die in deze contreien op de loer liggen. Hij klimt in een nabije boom en Joppe voelt een onhoudbare drang om hem te volgen; iets in hem waar hij zelf niks over te zeggen heeft. Hij gaat naast Snowie zitten, gebroederlijk op dezelfde tak. En zo zitten zij daar. De wereld om hen heen lijkt te vervagen. Joppe, Snowie, de boom en de zon die op hen schijnt. Ze streven het onbereikbare na. Het is schitterend.

Vanaf een afstandje kijkt een glimlachende Tuut tevreden toe. Daarna stapt hij in zijn auto, terug naar Nederland. Zijn werk hier is gedaan en een andere plicht roept. Morgen komt Roberto Cavalli bij hem op het terras zitten en dus moeten er voorbereidingen worden getroffen. Buntje ziet hem liever blijven. Het is een zwaar afscheid.

De ochtend vordert. Joppe ziet er uit als een kauwgompje waar alle smaak vanaf is, en Rens heeft een champion kleurige teint op z’n gezicht. Hij kan eigenlijk niet bleker worden dan hij al is. Toch slaagt hij hier in als hij hoort dat we ‘s middags naar een bierbrouwerij gaan. Aldaar krijgen we een rondleiding van een meisje dat ik achteraf graag had willen interviewen. Friedus voert wat cabaret op, Wouter is te brak om te praten en het witbier dat we proeven smaakt Ben, Fred en mijzelf bijzonder goed. De temperatuur stijgt. Tijd om het water op te gaan. We verdelen ons over drie kleine motorboten.

Ik zit op een boot met Brice, Chuff, Jim, Ramsie en Kapitein Boender. Terwijl we de kade achter ons laten tuurt Jim naar passerende rotspartijen, roept Brice naar overvliegende vogels en staart Boender naar de citadel van Dinant; een machtig bouwerk bovenop op een rots, zeker 100 meter boven het wateroppervlak van de Maas. Chuff geniet. Hij drinkt, rookt en lacht. Zoekend naar de woorden die recht doen aan zijn blijdschap zwaait hij heftig naar passerende boten. Hij roept meer dan eens ‘Goed’ en ‘Hallo’. 

Na verloop van tijd wordt Ramsie zeeziek. Overal lucht en water. Het water lijkt op water. De lucht lijkt op lucht. En heel soms ziet hij een piep klein wolkje. Er is simpelweg te veel blauw om hem heen. Hij laat zich langzaam het water in glijden. Chuff ziet het gebeuren. Hij fronst zijn gebruikelijke frons, voelt zijn superheldeninstinct opkomen en grijpt in. Hij vist Ramsie met één hand uit het water en slingert hem de oever op. Daarna sprak Ramsie, op de toon van iemand die zichzelf dwingt iets onprettigs op te biechten, de woorden: ‘Dankjewel Chuff.’

Na het varen ontpopt Ramsie zich als een prikkelbare en ook rusteloze gast. Zijn wangen oranje rood, zijn kleding gebroken beige. Hij wilt graag Petanque spelen maar zijn verwarde gedrag zorgt ervoor dat niemand hem begrijpt. Ben Gelauff wimpelt hem af. En dus zwerft hij - zonder echt doel - rondom het huis, met zijn karakteristieke loopje; wankelende X-benen die knieën gevaarlijk dicht bij elkaar brengen. Zijn armen ver van zijn romp, diagonaal naar beneden wijzend, voor de balans. Zijn vingers gekronkeld, alsof hij onzichtbare tennisballen vasthoudt. Voetje voor voetje beweegt hij zich voort, in een langzaam aritmisch tempo. Na een half uurt besluit hij een nabijgelegen dorpje binnen te waggelen, en tot zijn verbazing komt hij tot de ontdekking dat er verschillende straten en pleintjes naar hem zijn vernoemd. Hij passeert ondermeer ‘Rue de Mapjes’ en ‘Carré Ramsie’.

Die avond gaan we in Dinant een hapje eten. Onderweg vertelt Ben dat mooie bussen veel knopjes hebben. Chuff betaalt de taxichauffeur: “Parlez vous meneer!” De taxichauffeur glimlacht zenuwachtig en hoopt dat Chuff snel uitstapt. In het restaurant vormen Rens, Ramsie en Friedus een kniftige hoekje als ze met z’n drieën aan dezelfde kant van de tafel gaan zitten. Buntje, Oost en Joppe wagen na het eten nog een gok, zonder geluk. Wouter kijkt het drietal begripvol aan en troost ze.

Zondag

Auto’s vertrekken één voor één. Op dat zelfde moment zit Roberto Cavalli in de luwte van het Suiderstrand en nipt hij wat van zijn rosé als hij op zijn telefoon ziet dat Friedus op de valreep met zijn auto een stenen tafel doormidden heeft gereden. Op vijf meter van Roberto verzet Tuut bergen werk om het voor iedereen gerieflijk te maken. Later die dag komt Buntje hem helpen, wat voor veel mensen een fijne gedachte is.

Maison Terrasse sur le toit is een mooi etablissement met een geweldige tuin. Daarbij is Dinant een prachtig gelegen dorp. De feestcommissie bestaande uit de vierling (Boender, Ben, Floor & Lex) verdient een schouderklop. Het was top.

Delen op social media

Twitter icon
Facebook icon
LinkedIn icon