Quick 120 jaarQuick 1 juichen 1Quick 1 juichen 4Foto juichen Cricket 1TrainenQuick 1 juichen 2Foto juichen 4Cricketf-jeugdQuick 1 juichen 3Foto selectie 2013/2014

H.V. & C.V. Quick, De Savornin Lohmanlaan 215 Den Haag, Telefoon: 070-3680323

Twitter icon
Facebook icon
Instagram icon
LinkedIn icon
RSS icon
YouTube icon

Nieuw van hoofdsponsor GMW

Gepubliceerd op 12 februari 2018 door Krijn Vrolijk

GMW advocaten (opgericht in 1989) is een Haags advocatenkantoor dat meerdere juridische specialismen op hoogwaardig niveau aanbiedt. Hun cliënten zijn Nederlandse en buitenlandse bedrijven en particulieren, semipublieke organisaties, overheden en internationale instellingen. Bij GMW advocaten hebben ze één doel: de beste oplossing voor de klant bereiken. Dat doen ze door het geven van advies, door te procederen of via mediation. Met vakbekwame advocaten en staf, gebruikmakend van moderne technieken.

GMW Advocaten is ook hoofdsponsor van Quick. En vanaf nu zal Raymond de Mooij, Quicker van huis uit en één van de grondleggers van GMW, een maandelijkse column namens deze hoofdsponsor verzorgen. De column wordt gepubliceerd op onze site en in de nieuwsbrief.

Tegenstrijdige belangen

Karel Karbonaat kwam uit een ondernemersgezin. Zijn grootouders hadden met een slagerskraam op de markt gestaan. De vader van Karel had het bedrijf uitgebouwd. Toen de man bij een auto ongeluk om het leven kwam, werd Karel als oudste zoon van het gezin in het diepe gegooid. Hij werd de baas van drie slagerijen en een vleesverwerkende fabriek. Na een jaar wist Karel wel hoe de hazen liepen en de dagelijkse routine begon hem te vervelen. Hij besloot zijn geluk te beproeven in de horeca. In korte tijd opende hij maar liefst vijf restaurants. “Vreetschuren”, volgens sommigen, maar wel tenten die altijd vol zaten. De formule was simpel. Er werden grote porties geserveerd, voornamelijk vlees, friet en sla. De kwaliteit was prima, de prijzen redelijk. Karel Karbonaat was een belangrijke klant van mij. Eigenlijk waren er altijd wel juridische problemen. Was het niet in de winkels, danwel in de fabriek of in de restaurants.

Begin 2016 kwam Karel op een vrijdagmiddag bij mij langs. Hij had een vriend meegenomen, Hermanus van Rijn. Een lange donkere man, die krom stond van de kracht. “Hermanus is mijn maat”, vertelde Karel mij met zijn karakteristieke zware stem. “Onze vaders stonden samen op de markt en ik ken Hermanus al mijn hele leven. Nu gaan we samen zaken doen. Mijn vriend hier heeft in de Randstad vier chique dansclubs. Privétafels, vrouwen, champagne, je kent het wel”. Hermanus van Rijn keek uit het raam.  “En ik heb er ook nog één in Marbella, Kareltje”, zei hij en nam een slokje van zijn Spa rood. Een half jaar later begonnen Karel en Hermanus aan de rand van Rotterdam een megaclub. “The Coconut” bestond uit vier etages, waar  Dj’s verschillende soorten housemuziek draaiden. In de club was verder een restaurant met 300 zitplaatsen gevestigd. Het menu: biefstuk, friet en sla. Vanaf de eerste dag was The Coconut een doorslaand succes. “Ik zei het toch”, brulde Karel Karbonaat toen ik hem telefonisch feliciteerde, “alles wat onze Hermanus aanraakt verandert in goud!”

De advocaat van beide heren profiteerde daar gelukkig van mee. Want niet alleen Karbonaat kwam met al zijn zaken naar mij toe, maar Hermanus van Rijn deed nu hetzelfde.  Wekelijks werden de dossiers per bode naar mijn kantoor gestuurd.

In april 2017 kwam er een einde aan deze weelde. Karel Karbonaat stond onaangekondigd op de stoep. “Ik word in de maling genomen” zei hij met verstikte stem. “Hermanus van Rijn, mijn bloedgabber, heeft stiekem geld van The Coconut weggesluisd en van die centen  een appartement in Marbella  gekocht. Mijn boekhouder is daar achter gekomen”.  Karbonaat had na de tip van zijn boekhouder een gerenommeerd accountantskantoor ingeschakeld. Een onderzoek naar de financiële gang van zaken in The Coconut bracht aan het licht dat Hermanus van Rijn in een jaar tijd ongeveer € 5 ton achterover had gedrukt. “En die poen wil ik terug, tot de laatste euro”, zei  Karbonaat. “Leg beslag op alles wat die dief bezit”.

Ik haalde diep adem. “Ik kan dat niet voor je doen Karel, want Hermanus is ook een cliënt van mij. Ik kan niet tegen hem optreden, de beroepsregels van advocaten verbieden dat”. Ongelovig keek Karbonaat mij aan. “Maar ik was toch het eerst jouw klant, dan ga ik toch zeker vóór, zei hij. “Hoeveel heb je wel niet aan mij verdiend in al die jaren?” Mijn cliënt was inmiddels rood aangelopen. Ik probeerde het nog een keer. “Al zou ik willen Karel, het kan niet. Jullie hebben tegenstrijdige belangen”.  Karbonaat was inmiddels opgestaan en onderweg naar de uitgang van mijn kantoor. “Tegenstrijdige belangen? Tegenstrijdige belangen mijn reet!” En weg was Karel.

Hermanus van Rijn zag ik een paar weken later op de Fredrik Hendriklaan. “Ik heb wat gedoe met Karel, kan je hem een briefje sturen?”, vroeg hij. Ik vertelde ook Hermanus dat ik niet tegen mijn eigen cliënt kon optreden.  Er viel een stilte. Donkere ogen keken mij aan .  Toen zei hij zachtjes: “Wat jij wilt, vriend”, en wandelde door.

Delen op social media

Twitter icon
Facebook icon
LinkedIn icon